Aansluitingen

Aansluitingen aan het plafond

De voeg tussen het plafond en de wand kan gerealiseerd worden op volgende manieren:

  • ofwel door opspuiten met PUR montageschuim waarbij na uitharding het overtollige PUR schuim afgesneden wordt.
  • ofwel door het voorzien van Phaltex randstrook.

De aansluitingsvoeg tussen het plafond en de blokken wordt verder afgewerkt met een glasvezelgaas of papieren voegband.

Aansluitingen met gipskartonplaten worden opgestopt met een lijm-gips mengsel (50/50).

Voor aansluitingen van brandwerende scheidingswanden met verlaagde plafonds worden de blokken doorgetrokken tot tegen het primair plafond en wordt de voeg tussen plafond en wand opgespoten met een brandwerende kit zonder verdere afwerking.

Bij aansluitingen tegen schuine dakvlakken van het type prefab spanten of gordingen met kepers, worden de wanden doorgetrokken tot voorbij het afwerkvlak van het dakvlak. Verdere afwerking met gipskartonplaten of stucanet gebeurt tussen de wandvlakken.

Bij aansluiting tegen schuine dakpanelen (bv. afgewerkte sandwichpanelen) dienen de wanden te stoppen onder de schuine dakpanelen.

Afwerking van de voeg dient te gebeuren met houten afwerklatten door de schrijnwerker. Opvulling van de voeg met MW of PUR wordt aanbevolen voor een betere geluidsisolatie.

Deur- en raamopeningen

Deur- of raamopeningen kleiner dan 100 cm, kunnen gerealiseerd worden door de bovenste rij blokken te laten doorlopen en dan de opening op maat uit te zagen. Er moet voor gezorgd worden dat de voeg tussen de twee blokken die de latei vormen zich in het midden van de opening bevindt.

Openingen groter dan 100 cm dienen door middel van een latei verstevigd te worden.

Als versteviging kan een gegalvaniseerd metalen T- of M- profiel worden aangebracht.

T, L of kruisverbindingen

Wanneer aan verschillende wanden aangesloten wordt, moeten de rijen blokken alternerend worden doorgetrokken.

Aansluiting met de ruwbouw

In normale omstandigheden worden de blokken bij de verticale aansluitingen van de wanden rechtstreeks tegen de draagstructuur gekleefd.

Wanneer de ruwbouw aan grote vervorming of temperatuurschommelingen onderhevig kan zijn zoals bv. bij metalen draagstructuren, moet bij de verticale aansluiting een glijdende of samendrukbare aansluiting voorzien worden (bv. U-profiel in PVC, Foamband).

Afwerking

Het bekleden van de wanden (o.a. schilder- en behangwerken) dient uitgevoerd te worden volgens de richtlijnen van de fabrikant van het afwerkingsproduct. Algemeen dient een voorbehandeling (o.a. kleine herstellingen en het lichtjes opschuren van de wand) te gebeuren en een aangepast voorstrijkmiddel aangebracht te worden.